Skoftig: waarom de kermis in Wervershoof (NH) het decor van mijn boek vormt

Hoe begin je aan het schrijven van zo’n omvangrijk project als een boek? Naast praktische zaken – wat in feite neerkomt op: tijd maken, zitten en schrijfmeters maken, heb je ook een uitgangspunt nodig om de basis voor je verhaal te leggen. In deze blog vertel ik je hoe de basis voor mijn thriller Skoftig is ontstaan.

Schrijven over backpacken in Azië

Ik was ergens begin 20 en had een jaar in het buitenland gewoond. Mijn droom om de wereld rond te reizen was (voorlopig!) verzadigd, en mijn honger om een boek te schrijven nam toe. Een thriller, uiteraard. Mijn lievelingsgenre. Mooi, basiselement 1 was binnen: het type boek.

Internet: de oplossing voor al je research?

Het idee ontstond om een spannend reisverhaal te schrijven. Twee van mijn liefdes gecombineerd. Ideaal. Een verhaal met een vleugje backpackers, Vietnam en bloed. Schrijfster Emily Barr was mijn voorbeeld: zij schreef wat ik voor ogen had.

Internet was in die tijd booming, en daarmee dacht ik een perfecte oplossing te hebben voor het probleem dat ik nog nooit een voet op Aziatisch grondgebied had gezet.

What was I thinking?

Ik las alle reisblogs en droomde gruwelijk weg, maar tot een concreet verhaalidee (basiselement 2) kwam het niet.

De schrijftip die alles veranderde

Op een dag kreeg ik een schrijftip: houd (de omgeving van) je verhaal zo dicht mogelijk bij jezelf. Bij dat wat je kent. Uit die kennis kun je zoveel input uit halen. Je voelt waar je over schrijft, het zit in je, je leeft het. En dat komt de geloofwaardigheid van je verhaal ten goede. Zeker wanneer je net begint met schrijven is dit een slim uitgangspunt.

Aangezien er nog flink wat afstand tussen Vietnam en mij te overbruggen viel, popte de volgende gedachte bij me op: wat als ik het nu eens omdraai? Wat als ik nu eens letterlijk kijk waar ik vandaan kom, waar ik ben opgegroeid?

Wervershoof. Een dorpje in West-Friesland. (Voor wie niet weet waar West-Friesland ligt, dat ligt dus echt niet in de provincie Friesland, maar in Noord-Holland). Het is waar ik ben opgegroeid en waarvan ik vertrokken ben. De wereld was immers zoveel groter dan dat dorp aan de rand van het IJsselmeer. Ik wilde meer, verder.

En toen kon ik van een afstand kijken naar de omgeving waarin ik ben opgegroeid.

Een koe is een koe

Want was daar opgroeien echt zo hetzelfde als opgroeien in elk ander dorp buiten West-Friesland? Ik had dat altijd als vanzelfsprekendheid genomen. Natuurlijk.

Heus, ik wist best dat er verschillende invloeden hun stempel drukken op een omgeving, maar uiteindelijk rijdt er in elk gehucht na negen uur ’s avonds geen bus meer, vind je er minstens een ouwenlullenkroegje en lijken alle koeien sprekend op elkaar.

Hard werken, hard zuipen

Mijn wereld werd steeds groter. Meer en meer leerde ik dat al wat mijn jeugd kenmerkte niet hetzelfde was als de jeugd van leeftijdsgenoten die in een andere omgeving waren opgegroeid.

Niet iedereen fietste zo vanaf zijn 14ee vele kilometers naar buurdorpen om te feesten en reed diep in de nacht met een lijf vol alcohol weer terug.
Niet iedereen stond op, vaak al op jonge leeftijd, zaterdag in de bollenschuur geld te verdienen (en als je dat niet deed dan deed minstens de helft van je vrienden dat).
Niet bij elke dorpskermis in Nederland lag de nadruk níet op de gemiddeld 5 attracties die er stonden en waren supermarkten drie dagen gesloten voor het hoogtepunt van het jaar.

Kermis Wervershoof

Ik besloot dat Wervershoof het decor van mijn verhaal werd (basiselement 3). En dan direct heel specifiek: mijn boek moest zich afspelen tijdens het derde weekend in augustus: tijdens de kermis in het dorp. Dat dit decor klopte, besefte ik toen ik in 2012 de documentaire ‘Het verdriet van West-Friesland’ zag.

Het verdriet van West-Friesland

De afgelopen jaren werd Nederland opgeschrikt door een relatief hoog aantal zelfdodingen van jongeren in West-Friesland. Deze documentaire doet verslag van de gesloten gemeenschap in het weidse, kale en schitterende landschap. De film gaat over het leven van alledag, over de eenzaamheid onder de jongeren, de volksaard, het harde werken, het zwijgen, het alcoholgebruik dat vaak al op jonge leeftijd begint. En over het letterlijk en figuurlijk ‘verdrinken’ van jongeren in grote groepen op school, kermissen en uitzinnige bierfeesten.

Even los van de heftige thematiek en wat ik van de inhoud van de documentaire vind: de beelden die werden gebruikt waren een en al herkenning. De weilanden, de kermissen, allerlei details… Ik zag mijn jeugd voorbij komen. Dat was waar ik was opgegroeid. In beeld gevangen.

Toch een spannend reisverhaal

Dat beeld, dat is het decor van mijn verhaal geworden, en daarmee staat mijn eerste ingeving nog steeds: een spannend reisverhaal. Het bleek alleen geen reis te zijn van de personages, maar eentje van mijzelf. Een reis terug naar het decor van mijn jeugd, om daar een volledig verzonnen verhaal op te plakken. Geen Vietnam, geen backpackers. Wel: kermis, loskomen van je verleden en een moord in Wervershoof…
O ja, en natuurlijk bloed.
Dat dan weer wel.

SPREID HET WOORD!

Facebook
Twitter
RSS